Een tuin vol lekkers voor iedereen
Caroline van de Burgt is ambassadeur voor de biodiversiteit en schrijft maandelijks over biodiversiteit en wat ze allemaal tegenkomt in haar tuin.
Het gonst, fluit en bruist in de tuin deze weken. Onder andere de mezen, merels en bonte vliegenvanger zijn druk met het zoeken van rupsen en ander eiwitrijk voer voor hun jonge kroost. Als je eenmaal ziet waar hun nest zit, zie je de vogels in vaste patronen door de tuin scheren. Schichtig, want als hun nest ontdekt wordt door ekster, kat of kauwtje is alle moeite voor niets geweest. Gelukkig gaat het meestal goed. En gelukkig vinden ze niet alle rupsen, want ik zie ook graag dat er voldoende rupsen uitgroeien tot vlinders. Die vlinders hebben de mooiste namen: kleine vuurvlinder, boomblauwtje, gehakkelde aurelia. En niet alleen hun naam is mooi. Kijk naar die kleuren! En omdat hun rupsen ook welkom zijn in onze tuin, genieten we nu dus van de vele vlinders. Zij eten hun buik weer vol bij de verschillende bloemen, terwijl ze zoeken naar een partner voor een nieuwe generatie.
Ook wijzelf eten in deze tijd veel uit eigen tuin. En omdat we daarbij al jaren geen gif gebruiken, is alles wat we uitproberen ook voor ons veilig. Eetbare wilde kruiden gaan in de salade en van de daslook met zijn zachte knoflooksmaak hebben we in allerlei vormen genoten. De sering is gedroogd en tot siroop verwerkt, de dennenknoppen worden hoestsiroop en zelfs brandnetels zijn tot chips gemaakt. Echt lekkere, pure smaken, heel puur eten. En op deze manier genieten we, net als de vele bezoekers in de tuin, van de rijkdom die de tuin te bieden heeft. En dan moet de zomer nog beginnen!